Op de vraag of de siberische kat hypoallergeen is, moeten we ons eerst afvragen wat hypoallergeen precies inhoudt. Het woord hypo is een Grieks voorzetsel en betekent minder. Volgens Pet MD heeft ongeveer 10% van de bevolking last van een kattenallergie. Daarvan is 90% allergisch voor het eiwit, Fel D1. Dit eiwit komt voor in het speeksel, urine en de tranen van de kat. Sommige rassen worden gezien hypoallergene katten. Dit is omdat zij naar gezegd minder allergene produceren dan andere kattenrassen. Het grootste voorbeeld van een hypoallergene kat is de Siberische kat.
Uit onderzoek is gebleken dat 50% van de Siberische katten substantieel minder Fel-d1 aanmaken dan andere katten. Van deze 50% maakt 15% bijna geen Fel-d1 aan. Dit betekend dat zij bij mensen met een allergie naar gezegd zo goed als nooit een allergische reactie oproepen.
Net als bij de Sphinx en de Cornisch Rex maken steeds meer catteries misleidende claims over de allergene waarde van de Siberische kat. Vaak beweren zij dat dat de Siberische kat hypoallergeen is. In Amerika zijn vele onderzoeken gedaan met betrekking tot de hypoallergene kat en de vraag of deze daadwerkelijk bestaat. Meerdere Siberische fokkers hebben aan deze onderzoeken meegewerkt. In totaal zijn er meer dan 300 Siberische katten getest. Deze Siberen kwamen uit meer dan 100 verschillende nestjes. Op de vraag of de hypoallergene kat daadwerkelijk bestaat? werd er met name getest op de allergene waardes tussen die van de Siberische kat en andere rassen.
Uit een Amerikaans onderzoek waar meer dan 300 Siberische katten zijn getest naar de hoeveelheid Fel-d1 in het speeksel en in de vacht, blijkt dat ongeveer 50% van de Siberen het eiwit Fel d1 betrekkelijk minder produceert dan normale huiskatten. Het eiwit Fel-d1 is wat een allergische reactie kan veroorzaken bij mensen. Dit is bij 50% van de siberische katten zo buitengewoon laag dat zij als hypoallergeen beschouwd kunnen worden. Om deze reden zou in theorie de helft van de Siberische katten eventueel bij mensen thuis geplaatst kunnen worden (mits zij alleen allergisch zijn voor Fel-d1). De overige 50% maakt net zoveel Fel-d1 aan als de normale huiskat. Helaas kan niet elke Sibeer als hypoallergene kat beschouwd worden. Verder kan er in Nederland nog niet getest worden naar de hoeveelheid Fel-d1 een specifieke Sibeer aanmaakt. Om die reden wordt het afgeraden om een Siberische kat/kitten in huis te nemen alleen maar omdat ze als hypoallergeen beschouwd worden.
Alle Siberen die getest waren, produceerde een bepaalde hoeveelheid van het eiwit Fel-d1. Verschil is dat sommige Siberen maar een hele kleine hoeveelheid produceren terwijl anderen juist uitermate veel fel-d1 produceren. Onderzoek toont ook aan dat de hoeveel Fel-d1 van jongs af aan begint toe te nemen, waardoor de hoeveelheid die zij uiteindelijk aanmaken moeilijk is aan te tonen als ze net geboren zijn. Siberen die nul Fel-d1 aanmaken bestaan niet. Elke Sibeer produceert het eiwit Fel-d1, alleen sommige Siberen minder dan andere maar kans op een allergische reactie zal altijd blijven.
Het katten allergeen (Fel-d1) van de Sibeer is uitvoerig getest. Tot op de dag van vandaag is er nog steeds geen onderzoek dat daadwerkelijk heeft aangetoond dat het eiwit Fel d1 bij Siberische katten verschilt van het type Fel-d1 dat is gevonden in andere rassen. Het eiwit Fel-d1 is dus volgens onderzoek voor elke kat exact hetzelfde.
10 verschillende Siberische katten uit 10 verschillende catteries zijn tot in detail bestudeerd op hun productie van het eiwit Fel-d1. Het resultaat hiervan was dat de mannelijke Siberische katers net zo weinig Fel-d1 produceren als de vrouwelijke Siberische poezen. Ook bleek dat de mannetjes minder allergische reacties bij bezoekers veroorzaakte dan de vrouwtjes. De mannetjes die wel een hoge productie Fel-d1 aanmaakte, creГ«erde dan weer wel sneller allergische reacties bij bezoekers dan de vrouwtjes. Op het moment dat de mannetjes gecastreerd werden nam dit af. De hoeveelheid dat aangemaakt wordt staat los van het geslacht.
Nestjes van verschillende Siberische catteries zijn uitvoerig bestudeerd en voor een langere periode in de gaten gehouden naar de productie van het eiwit Fel-d1. De resultaten waren vrij consistent en lieten een genetisch patroon zien in alle nestjes die uitvoerig getest waren. Dit patroon zag er als volgt uit:
Wil je ondanks een kattenallerie toch graag samenwonen met een hypoallergene Siberische kat, dan zijn er meerdere opties om dit aangenamer voor je te maken. Sommige mensen kiezen er bijvoorbeeld voor om tabletten te slikken, zoals ceterizine. Dit werkt echter niet altijd, daarom zijn er ook andere stappen die genomen kunnen worden.
Stap 1: Borstel je Siberische kat dagelijks. Door je Sibeer dagelijks te borstelen voorkom je dat hij minder zal verharen. Hierdoor zullen minder kattenharen door het huis zweven die het stofje bevatten waar je allergies voor bent. Andere voordelen hiervan zijn dat er minder kattenharen verspreid door je huis liggen, plus je band met je Siberische kat zal versterkt worden.
Stap 2: heb je een tapijt of een mooi vloerkleed? Stofzuig deze dan op dagelijkse basis. Een vloerkleed of tapijt staat erom bekend om veel haar van de Sibeer aan te trekken. Dus dit kan een aanwezelijk verschil maken.
Stap 3: Maak gebruik van Air purifiers. Deze staan er bekend om zwevende haren (met fel d1) uit de lucht te filteren.
Stap 4: Hou je Siberische kat buiten de slaapkamer. Een mens spendeert veel tijd in zijn slaapkamer. Hier kom je tot rust en daarom is het fijn om een plek in huis te hebben waar geen haar is om je allergie te stimuleren.
Het goede nieuws is dat volgens onderzoek veel mensen met een kattenallerie over een bepaalde tijd een natuurlijke resistentie opbouwen voor het eiwit Fel-d1. Echter ben je één van de ongelukkige die geen resistentie opbouwd en allergies blijft, neem dan contact op met de catterie. Vaak kunnen zij je helpen met het zoeken van een nieuw adres voor je Siberische kat.
Wil je geen riscico nemen door meteen een kitten/kat in huis te nemen, dan kun je immunotherapie overwegen. Dit is een behandeling van minimaal 3 jaar. Doormiddel van injecties krijg je systematisch toegediend waar je allergisch voor bent. Na drie jaar zullen je klachten met ongeveer 50% tot 80% verminderen. Deze behandeling zorgt er tevens ook voor dat je niet per definitie nog opzoek hoeft te gaan naar een hypoallergene kat. voor meer informatie zie: Immunotherapie
Fel-d1 is het meest voorkomende eiwit waar mensen allergisch voor zijn. Het komt vooral voor in hun speeksel en wanneer zij zichzelf wassen komt dit terecht in op vacht. Op het moment dat de kat verhaart verspreiden zij dit allergeen door het huis wat allergische reacties oproept. Recentelijk is er in Amerika nieuw onderzoek gedaan naar het verlagen van dit allergeen doormiddel van het eiwit Fel-d1 te binden met een antistof IgY (Immunoglobulin Y). De hypothese (onderzoeksvraag) was dat katten die voer aten gemixt met het antistof IgY significant minder Fel-d1 zouden aanmaken dan de gemiddelde kat. Er werd een 12 weken langdurig onderzoek uitgevoerd waarbij 105 katten getest zijn op vermindering van fel-d1 doormiddel van de ELISA methode. ELISA is een acroniem voor een laboratoriumtest dat macromoleculaire stoffen zoals eiwitten in bloedmonsters meet.
De eerste 2 weken werd het kattenhaar 2 keer per week getest, de overige 10 weken werd 1 keer per week. De resultaten waren succesvol. In de eerste 3 weken nam het eiwit-d1 gemiddeld met 47% af. Rond week 10 werd er een afname tussen de 33-71% geconstateerd. Katten die aan de start van het onderzoek het meeste Fel-d1 aanmaakte boekte aan het eind van het onderzoek ook het meeste progressie. Conclusie na 12 weken was er op de vacht van de geteste katten significant minder Fel-d1 te vinden, waarbij de wetenschap weer een stukje dichterbij is naar het creГ«ren van de hypoallergene kat zonder deze genetisch aan te passen.
Denk je erover na om misschien binnenkort de trotse eigenaar van een Siberische kitten te worden? lees dan eerst hoe je jouw Siberische kitten moet socialiseren
Bronnen: